Sommige mensen lijken wel over een onuitputtelijke bron van energie en inspiratie te beschikken. En dan helemaal gelukkig te zijn. Nou, dat is ook zo, werd me weer eens bevestigd door Jan Bommerez, die deze week sprak op een bijeenkomst van de Spirituele Management Tafel. Hij is zoals bekend de co-auteur van de inspirerende bestseller “Flow en de kunst van het zakendoen”. Hij sprak nu over zijn nieuwe boek, “Minder moeten meer flow”, dat over twee weken uitkomt. Het gaat over flow als levenskunst in het dagelijks leven van iedereen. Wie graag nog wat meer energie en inspiratie wil krijgen, kan heel wat leren van Jan. Want gelukkig zijn, dat willen we toch allemaal?
Hier wil ik niet alles samenvatten wat Jan zei, daarvoor heeft Martien van Steenbergen al een mooie poging gewaagd. Wel wil ik hier één belangrijke vraag, en Jan’s bijzondere antwoord daarop, die mij erg geraakt hebben en zijn bijgebleven, in de schijnwerpers zetten. Die vraag luidt: waar komen al die energie en die inspiratie en dat geluk dan toch vandaan? Jan’s antwoord begint met: die komen voort uit de staat van flow. Dat begrip flow kennen we tegenwoordig allemaal wel, uit de boeken van Mihaly Csikszentmihalyi (spreek uit: “Chick Send Me High-ee”), zoals “De weg naar Flow”. De meesten van ons ervaren flow ook wel eens, als we helemaal opgaan in wat we doen, en zo de tijd vergeten. Ik maak het ook regelmatig mee, tot mijn grote plezier.
Het is in werkelijkheid anders dan we vaak denken
Flow ervaar je als je helemaal vervuld bent van iets. Dat kan bijvoorbeeld een activiteit zijn die je al het andere doet vergeten, of de aanwezigheid van een geliefd persoon, of een fantastische prestatie die je net hebt geleverd. Het kan zelfs een ding zijn, bijvoorbeeld dat huis dat je net hebt gekocht, of die auto die voor het eerst voor je deur staat. Dan voelen we ons helemaal gelukkig, dan hebben we het geluk gevonden.
Maar pas op met die dingen, zei Jan, dat lijkt maar zo. Het is in werkelijkheid anders! Niet dat nieuwe huis maakt je gelukkig, of die prestatie (het doel bereikt), maar het feit dat je dan – tijdelijk weliswaar – helemaal vervuld bent. Van top tot teen. Dat je even helemaal niets meer moet, hoeft of wilt. Het moment van verlangenloosheid noemde Jan dat heel mooi. Of nog beter, de plek van verlangenloosheid.
Onze onuitputtelijke bron
Kan ik vanuit die plek leven, is dan de grote vraag. Antwoord: dat kunnen we meestal niet, of niet erg lang. Waarom kunnen we dat meestal niet? Omdat we denken dat de put waaruit we energie en inspiratie putten een bodem heeft. En als we op die bodem terecht zijn gekomen, zijn we uitgeput. Letterlijk en figuurlijk. Dan is onze put leeg, onze bron opgedroogd.
Volgens Jan echter is de clou dat we die bodem daar zelf ingelegd hebben, onderin die put! Die bodem is een maaksel van onze eigen geest. En diep in ons hart weten we wel beter, weten we dat die put een onophoudelijk stromende bron van overvloedige energie, inspiratie, geluk en vrede is. Ga maar na bij jezelf. Die bron is ons geluk. Geluk is dus geen gevolg van al die activiteiten, prestaties en bezittingen, maar juist omgekeerd, de oorzaak ervan. Het goede nieuws is nu dat je kunt leren niet steeds weer een bodem in die put te metselen! Dat is ook mijn ervaring. Hoe je dat kunt leren, dat is weer een ander verhaal. Daarover dus een andere keer.
Herken je dit bij jezelf? Hoe diep leg jij je bodem? Of ben jij juist wel in staat je bron voortdurend open en zonder bodem te houden? Daar ben ik heel benieuwd naar. Laat het stromen! Jouw reactie op dit artikel is dus heel welkom! Klik hiervoor op reacties.
